Tuesday, 7 July 2026

Vijftiende Zondag door het Jaar A

 Lezing uit het heilig Evangelie volgens Matteüs

Op zekere dag verliet Jezus zijn huis
en ging aan het meer zitten.
Er verzamelde zich bij Hem een menigte zó talrijk,
dat Hij in een boot moest stappen om daar te gaan zitten,
terwijl de hele menigte op de oever bleef staan.
Hij sprak tot hen over vele dingen in gelijkenissen:
“Zie, de zaaier ging uit om te zaaien.
Bij het zaaien viel een gedeelte vlak bij de weg
en de vogels kwamen het opeten.
Een ander gedeelte viel op de rotsachtige plekken,
waar het niet veel grond had;
meteen schoot het op, omdat het geen diepe grond had.
Toen de zon was opgekomen, verschroeide het,
en omdat het geen wortel had, verdorde het.
Weer een ander gedeelte viel tussen de distels
en de distels schoten op en verstikten het.
Een ander gedeelte ten slotte viel op goede grond en droeg vrucht:
deels honderd-, deels zestig-, deels dertigvoudig.
Wie oren heeft, hij luistere.”
Zijn leerlingen kwamen Hem vragen:
“Waarom spreekt Gij tot hen in gelijkenissen?”
Hij antwoordde hun:
“Aan u is het gegeven de geheimen van het Koninkrijk der hemelen te kennen,
maar aan hen is het niet gegeven.
Want wie heeft,
aan hem zal gegeven worden, en wel in overvloed;
maar wie niet heeft,
zelfs wat hij heeft, zal hem ontnomen worden.
Daarom spreek Ik tot hen in gelijkenissen,
omdat zij ziende niet zien
en horende niet horen en niet begrijpen.
Zo wordt in hen de profetie van Jesaja vervuld die luidt:
‘Met uw gehoor zult gij horen en toch niet begrijpen,
en ziende zult gij zien en toch niet inzien.
Want verhard is het hart van dit volk,
met hun oren horen ze slecht
en hun ogen doen zij dicht,
opdat zij niet met hun ogen zouden zien,
met hun oren zouden horen,
met hun hart zouden begrijpen,
zich zouden bekeren en Ik hen zou genezen.’
Zalig uw ogen, omdat zij zien,
en uw oren, omdat zij horen!
Want amen, Ik zeg u:
vele profeten en rechtvaardigen hebben verlangd
te zien wat gij ziet, en zij hebben het niet gezien;
en te horen wat gij hoort, en zij hebben het niet gehoord.
Gij dan,
luistert naar de gelijkenis van de zaaier:
Bij ieder die het woord van het Koninkrijk hoort, maar niet begrijpt,
komt de Boze en rooft weg wat gezaaid is in zijn hart;
dat is hij die vlak bij de weg gezaaid is.
Die op de rotsachtige plekken werd gezaaid, is hij die het woord hoort
en het onmiddellijk met blijdschap opneemt:
maar hij heeft geen wortel in zich,
hij leeft bij het ogenblik,
en als er onderdrukking en vervolging komt wegens het woord,
komt hij onmiddellijk ten val.
Die gezaaid werd tussen de distels is hij die het woord hoort,
maar de zorgen van de wereld en de begoocheling van de rijkdom
verstikken het woord en zo blijft het zonder vrucht.
Die in de goede grond werd gezaaid,
is hij die het woord hoort en begrijpt en dus ook vrucht draagt:
de een brengt honderdvoudig op,
een ander zestigvoudig
en een ander dertigvoudig.”


Beste vrienden,

Bij alles wat we doen is niet altijd op voorhand te zeggen hoe het uit zal pakken. Dat maakt deel uit van het avontuur van het leven. Je slaat je hand aan de ploeg, je gaat uit om te zaaien en dat alles doe je zonder gegarandeerde resultaten. Dat is minstens spannend, het houdt de sjeu er wel een beetje in. Tegelijkertijd kan het een mens ook vermoeien. Maakt het uit wat ik doe? Ergens halverwege de akker, op het midden van de dag, kan de twijfel toeslaan.

Sta ik hier wel goed, had ik niet beter wat anders gedaan? Is dit het nu. Ik zie maar niks. Moet ik niet de hele boerderij verkopen en weer vanaf nul beginnen? Een nieuwe ronde met een nieuwe kans!

Soms is dat een goede keuze. Er zijn mensen die per ongeluk boer geworden zijn. Ze zijn er niet goed in, en vinden het niet leuk. Maar van kind af aan werden ze al op een speelgoedtractortje gezet en noemde zijn ouders hem “ons kleine akkerbouwertje” zonder ooit te vragen wat hij eigenlijk wou. Dan is het zeker te begrijpen dat je op een gegeven moment denkt, wat nu? Dan kan het verstandig zijn om als volwassene nieuwe keuzes te maken.

Vaak loopt het echter anders. Je bent ergens op de plek waar je moet zijn, maar … je verveelt je. Het zit tegen (denk je). Je geeft je over aan gemurmer. Het is niet goed of het deugt niet. Elke wolk is grijs, en elke grijstint wordt zwart.

En uiteindelijk, tegen alle advies in, blazen ze op wat hun leven zin en betekenis gaf in de hoop aan de andere kant van die noodsprong hun vrijheid, of minstens iets beters te vinden.

Dat loopt meestal uit in bittere teleurstelling.

Soms maken mensen keuzes die derden niet altijd even goed begrijpen. Dat komt voor. Dat is niet altijd verkeerd. Soms kun je op een volwassen manier onderscheiden dat eerdere keuzes niet goed voor je waren. Dat doe je nooit in je eentje. En daar gaat tijd over heen.

Maar op andere momenten lijken mensen echter nergens over nagedacht te hebben. Het kan heel ontnuchterend zijn om zoiets in je omgeving mee te maken. Soms is het écht een verrassing, iemand is al lang uitgekeken op wat hij of zij doet maar deelde dat met niemand. Dan is een plotselinge sprong een grote schok.

Bij anderen zie je het al jaren aankomen, ze worden koud, netelig, ergeren zich aan alles, duwen mensen van zich weg. En jij ziet het aan. Je kan niet anders. Want je kan mensen niet veranderen. Misschien ben je zelfs de discussie aangegaan, als die persoon volhoudt dat alles in zijn gemeenschap, kerk, dorp of land alleen maar slecht en boos is om hem heen. Misschien heb je hem of haar zelfs ontraden om lichtzinnig onomkeerbare keuzes te maken. Maar alles ketst af. Zo gaat dat. Als het hart zich eenmaal heeft verhard dringt er niks meer doorheen. Je kan praten als Brugman! Ze worden ziende blind, en horende doof.

Als het hart verhard is beland je langzaam aan in een omgekeerde wereld.

Elke vriendelijkheid die betoond wordt, is dan zwakte of bedrog

Elk meedenken een erkenning van het eigen gelijk

Elke inschikkelijkheid of pastorale geste, een overwinning!

Alle feedback een complot of een aanval..

En om al die misinterpretaties binnen een coherent wereldbeeld te houden moet je wereld dan steeds kleiner en kleiner worden.

Je omringt je alleen nog maar met mensen die precies op jou lijken. En onze rijke, prachtige wereld, zo vol met mensen, ideeën en wonderen wordt een steeds nauwere tunnel. Keren lukt niet meer, vooral omdat je je niet meer voorstelt dat dat nog kan.

Levende standvastigheid, een vruchtdragend uithouden wat moeilijk is, wordt dan verward met dwarse rigiditeit, een steriel vastklampen aan vreemde voorstellingen en dode dromen. Zo is het geloof niet, we hebben die prachtige woorden uit Jesaja 55 gehoord in de eerste lezing.

Dit zegt de Heer:

Zoals de regen en de sneeuw uit de hemel vallen
en daar pas terugkeren, wanneer zij de aarde hebben gedrenkt,
haar hebben bevrucht en met planten bedekt,
wanneer zij het zaad aan de zaaier hebben gegeven
en het brood aan de eter,
zo zal het ook gaan met het woord dat komt uit mijn mond:
het keert niet vruchteloos naar Mij terug,
maar het zal doen wat Mij behaagt,
en volbrengen waartoe Ik het heb gezonden.”

Het Woord brengt leven, zoals de regen de aarde drenkt en bevrucht, en het zaad aan de zaaier heeft gegeven, dan komt het Woord pas terug. Eerder niet. Het Woord schenkt je leven, het opent je naar de ander toe en sluit je niet op in jezelf. Als je dus denkt dat de waarheid alleen maar in je eigen navel, straat of groepje te vinden is hoop ik dat je even heilzaam natgeregend wordt door de woorden van Jesaja.

Als je je overgeeft aan rigiditeit, en navelstaarderij, wordt het levende geloof wat je ooit had, verstikt door de distels van het eigen gelijk. Het evangelie heeft het over vervolging, want dat was de tegenslag van de eerste eeuw. Tegenwoordig zijn we gevoeliger. Álles wat niet naar onze wensen of voorstellingen is kan iets goeds voor ons verpesten. Daar ligt een waarschuwing voor iedereen. Als je je overal aan ergert, ligt het probleem misschien niet in de eerste plaats buiten jou.

Gelukkig heeft rigiditeit nooit het laatste woord, al was het maar omdat het niet iets levends is. Zo is ook die tunnel die maar één richting lijkt te hebben maar een hersenschim. Je hoeft er niet doorheen te rijden. Je kan veel later de auto in zijn achteruit zetten als je denkt. En waar het gaat om zaken van God, is het nooit te laat om op de schreden terug te keren. Sterker nog: is het niet de boodschap van het evangelie dat er meer vreugde is in de hemel over wie zich bekeert dan over mensen die geen bekering nodig hebben? Daar ligt geen dertigvoudige, maar een honderdvoudige oogst. Een honderdvoudige vreugde. 

Laat ons alles wat we doen, dus weloverwogen doen. Laten we onze plannen toetsen aan het goed ontwikkelde geweten, aan wat de Heer ons voorhoudt in de woorden van de Schrift, door de boodschap die de levende kerk ons voorhoudt en de wijsheid van de mensen om ons heen.

Mogen we zo behouden blijven voor het onkruid van eigenwaan en dan de uiteindelijke goede, rijke oogst met eigen ogen zien. 

Amen.