Saturday, 9 May 2026

Zesde Zondag Paastijd

 In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen:

“Als gij Mij liefhebt, zult ge mijn geboden onderhouden.
En Ik zal de Vader vragen
en Hij zal u een andere Helper geven
om voor altijd met u te zijn:
de Geest van de waarheid,
die de wereld niet kan aanvaarden,
omdat zij Hem niet ziet en niet kent.
Gij kent Hem,
want Hij blijft bij u en zal in u zijn.
Ik zal u niet achterlaten als wezen:
Ik kom naar u toe.
Nog een korte tijd en de wereld zal Mij niet meer aanschouwen;
maar gij zult Mij aanschouwen,
want Ik leef en gij zult leven.
Op die dag zult gij erkennen,
dat Ik in mijn Vader ben
en gij in Mij en Ik in u.
Wie mijn geboden heeft en deze onderhoudt,
hij is het die Mij liefheeft.
En wie Mij liefheeft, zal door mijn Vader worden bemind;
ook Ik zal hem liefhebben
en Ik zal Mijzelf aan hem openbaren.”

Beste vrienden,

De leerlingen zijn met Jezus samen, maar Jezus gaat niet lang meer blijven. Voor de tweede keer gaan ze naar een soort afscheid toe. Dat maakt ze onrustig. Net zoals wanneer een vriend op een verre reis gaat en je weet niet precies wanneer hij terugkomt. Hij zegt wel dat Hij terugkomt, maar je weet niet op welke dag. Het kan wel even duren.

Met Jezus is het natuurlijk een beetje anders. We staan kort voor Hemelvaart, volgende week. Jezus neemt niet het vliegtuig naar een ver land, om daar een nieuw bestaan op te bouwen, maar gaat terug naar de plek waar hij vandaan komt. Bij de Vader in de Hemel.

Toch proef je nog even geen vrolijkheid over dat vooruitzicht bij de leerlingen. Want ook al hoort hij daar, hij hoort even goed hier. En totdat Hemel en aarde weer bij elkaar komen missen we Hem. Nu Hij hier op de wereld geweest is, ontbreekt er wat in ons leven.

De leerlingen zijn daar vooral mee bezig, het hier en nu. Hoe moet het nu met ons verder, zie je ze vragen. Blijven wij nu alleen achter? We hebben even aan alle mooie dingen mogen ruiken en nu opeens zijn ze weg? Hun wereld moet nog wat groter worden. Dat is de betekenis van de Paastijd: kennis maken met de verrezen Jezus en de grotere, wijde wereld waar je deel van uitmaakt.

In de Paastijd lezen we de Evangelieverhalen over de Verrezen Jezus die met de leerlingen omgaat , en we lezen uit het boek Handelingen, over hoe de leerlingen na Pinksteren uit hun omgeving stappen en de wereld in, opgaan naar vreemde plaatsen, omgaan met vreemde mensen. Dat is de geest van Pasen, leren over je eigen schaduw heen te stappen, je niet vastklampen aan het veilige verleden en de veilige omgeving.

Natuurlijk houden we daarvan, in onze eigen omgeving blijven. Niet teveel verandering. Vertrouwde mensen, vertrouwende plekken. De dingen doen zoals we die altijd gedaan hebben. Maar onze opdracht is zoveel groter dan dat. Het is natuurlijk om te houden van je eigen naaste omgeving, maar die plek is maar een oefenplaats waar je de hele wereld leert liefhebben. Het is makkelijk om van je naaste te houden als die op je lijkt, maar wat als je leren moet dat iedereen je naaste kan zijn?

Dat kunnen we niet één, twee drie. Daar hebben we wat hulp bij nodig. In dit geval letterlijk: de Helper moet komen, de Heilige Geest die ons moet leren dat de liefde niet gerantsoeneerd moet worden, dat er eens te weinig zou zijn voor wie er toe doet. De liefde is geen belastinggeld dat opraakt, of een lening die je met moeite moet terugbetalen. Of een klein pensioen waar de inflatie elk jaar wat van af knabbelt, waar je zuinig mee moet omgaan.

Als je er zo over zou denken dan doe je jezelf te kort. De Geest is rijker dan dat, want Hij verbindt ons met God door Jezus. En alles wat van God komt heeft meer in zich dan aan de buitenkant lijkt.

We mogen het avontuur dus aangaan. Niet omdat opeens alles goed zal komen, of het leven opeens een loterij zonder nieten wordt, maar omdat de belofte zichzelf vervult op een manier die wij niet van te voren kunnen voorzien.

In deze meimaand denken we dan vooral aan Maria. Zij is de voorbeeld van het geloof. Als zij op de Engel antwoordt met mij geschiedde naar uw woord. Weet zij ook niet wat zij losmaakt. Maar het mag gebeuren. Wij vertrouwen daarop. Laten wij ook op onze beurt, dat avontuur aangaan.


Amen.